• Op voorraad en voor 16:00 besteld? Morgen in huis!
  • Gratis verzenden voor orders boven de €50,-*

Valbeveiliging en werkpositionering

Voor werken op hoogte is valbeveiliging vereist. Onder werken op hoogte vallen werkzaamheden op diverse locaties zoals een plat of schuin dak, hoogwerkers, platformen, steigers, silo’s, zonnepanelen, tankwagens, in bomen enzovoorts waarbij een valgevaar van meer dan 2,5 meter is.

In België dient zelfs al valbeveiliging vanaf 2 meter hoogte aanwezig te zijn. Tevens moeten er veiligheidsmaatregelen getroffen worden wanneer er binnen deze 2,5 meter andere gevaren zoals water, bewegende- of uitstekende delen, aanwezigheid van verkeer of kans om onder spanning te komen staan aanwezig zijn. Een werkgever dient niet alleen in de nodige valbeveiliging te voorzien, maar ook te zorgen dat medewerkers bekend zijn met het gebruik van de materialen. Mensen die tijdens het werken op platte daken of op ladders, of in hoogwerkers een harnas ten behoeve van valbeveiliging dragen kunnen hiervoor een cursus volgen.

Bij werken op hoogte moeten voorzieningen ter voorkoming van valgevaar worden aangebracht of toegepast. Deze voorzieningen zijn te onderscheiden in drie categorieën; bronbestrijding, collectieve maatregelen en individuele maatregelen (PBM). De eerstgenoemde categorieën dienen altijd de voorkeur te krijgen.

  • Bronbestrijding
  • Collectieve maatregelen
  • Individuele maatregelen (PBM)


Bronbestrijding
Bij bronbestrijding wordt er simpelweg voorkomen dat men in een gevarenzone terecht komt. Op deze manier ontstaat er geen risico tot vallen.

ValbeveiligingCollectieve maatregelen
Wanneer bronbestrijding niet mogelijk is dienen er collectieve maatregelen getroffen te worden. Voorbeelden hiervan zijn randbeveiligingen, steigers of kooiladders.
Soms is het niet mogelijk om gebruik te maken van collectieve veiligheidsmaatregelingen. Redenen hiervoor kunnen de moeilijke toegang zijn of de hoge kosten in verhouding tot de duur van de werkzaamheden.

 

Individuele maatregelen
Wanneer collectieve maatregelen niet mogelijk en/of aanwezig zijn dient men te zorgen voor het gebruik van PBM: Persoonlijke Beschermings Middelen. Gordels, leeflijnen, helmen, enzovoorts dienen dan als valbeveiliging op een dak bijvoorbeeld. Wettelijk gezien is er steeds voorrang in het gebruik van collectieve t.o.v. individuele maatregelen.

Persoonlijke beschermingsmiddelen kunnen in drie categorieën worden verdeeld:

Categorie Risico Voorbeeld
Categorie 1 Laag risico Tuinhandshoenen
Categorie 2 Gemiddeld risico Veiligheidsschoenen
Categorie 3 Hoog risico Valbeveiliging*

 

 

 

*Producten van PBM categorie3 beschermen de gebruiker tegen dodelijke en/of ongevallen die ernstige, onherroepelijke schade aan de gezondheid zouden kunnen veroorzaken. 

PBM-categorie 3 - Valbeveiliging
Onder de noemer valbeveiliging zijn twee basisprincipes te onderscheiden:

  • Valbeveiliging
  • Werkpositionering


Valbeveiliging
Bij valbeveiliging wordt gebruik gemaakt van een antivalsysteem waarbij de risico’s die verbonden zijn aan een mogelijke val worden vermeden.
Een antivalsysteem heeft als doel om de energie die vrij komt bij een val te absorberen om de valimpact op het lichaam te beperken. Daarbij wordt de afstand die nodig is om een val op te vangen verminderd. Valbeveiliging wordt ingezet wanneer men vrij is te bewegen, maar waar het risico op vallen aanwezig is.

Een voorbeeld van een veelgebruikte valbeveiligingsset is de Petzl Newton in combinatie met een Petzl Absorbica-Y MGO (deze dienen gekoppeld te worden door een Petzl Omni Triact Lock)

Valbeveiliging

Werkpositionering en werkplaatsbeperking
Werkpositionering is de techniek waarbij men door gebruik van speciale technieken en materialen zich in staat stelt om op hoogte veilig met de handen vrij te kunnen werken. Men hangt hierbij in een veiligheidsharnas  De artikelen ten behoeve van werkpositionering kunnen tevens worden ingezet bij reddingsactiviteiten.
Werkpositionering valt te onderscheiden in:

  • Werkpositionering
  • Werkplaatsbeperking


Werkpositionering
Werkpositionering dient, indien er een risico aanwezig is op een val, altijd gecombineerd te worden met een antivalsysteem. De wet schrijft hierbij voor dat in elk antivalsyteem een energie- of valdemper aanwezig is.

In geval van valgevaar dient een werkpositioneringsuitrusting dus te bestaan uit (zie voorbeeld afbeelding):

  • Gordel voor werkpositionering en tevens antival (bijvoorbeeld de Petzl Avao Bod)
  • Uitrusting ter werkpositionering (op de afbeelding de Petzl Grillon)
  • Antival-systeem inclusief valdemper (op de afbeelding de Petzl Absorbica, Dorsaal verbonden)

 

 

 

 

 

In de afbeelding links wordt de werkpositionering toegepast door middel van de Petzl Grillon. Het antival-apparaat dat wordt gebruikt is hierbij de Petzl ASAP

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Geen valgevaar bij werkpositionering
Wanneer er geen risico is op een valgevaar dient de werkpositioneringsuitrusting te bestaan uit (zie voorbeeld rechts):
 
  • Gordel voor werkpositionering
  • Uitrusting t.b.v. werkpositionering (In deze afbeelding de Petzl Grillon)
     
Deze toepassing kan bijvoorbeeld  ingezet worden door dakwerkers.

Werkplaatsbeperking
Bij werkplaatsbeperking gebruikt men één van de EN358 positioneringspunten van het harnas in combinatie met een (verstelbare) leeflijn t.b.v. werkpositionering. De lengte van deze positioneringsleeflijn wordt zo uitgekozen en/of ingesteld dat met uit de gevarenzone blijft, en de gebruiker dus geen val kán maken.
 
Onder andere op platte daken wordt dit veel gebruikt. Verschillende harnassen uit ons assortiment zijn vorozien van een EN358 inbindpunt op de heupriem aan de achterzijde, deze gecertificeerde inbindpunten zijn ideaal om te gebruiken t.b.v. werkplaatsbeperking.
 
Zie ook onderstaande afbeeldingen;

3 soorten harnassen
Er zijn drie soorten harnassen te onderscheiden; 

Antival-harnassen
Bijvoorbeeld de Petzl Newton Fast Jak met dorsaal- en sternaal inbindpunt

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Werkpositioneringsharnassen
Bijvoorbeeld de Petzl Avao Sit Fast met ventraal- en laterale inbindpunt(en)

 


 

 

 

 

 

Antival- en werkpositioneringsharnassen
Bijvoorbeeld de Petzl Avao Bod (Fast) met dorsaal, sternaal, ventraal en laterale inbindpunt(en)

 

 

 

 

 

 

 

Inbindpunten harnas
Het is belangrijk om te weten waar de verschillende inbindpunten op harnassen voor zijn bedoeld. Hieronder vindt u een overzicht van de verschillende inbindpunten met ieder hun eigen toepassing:

Inbindpunt: Positie: Doel:
Dorsaal Rug Antival
Sternaal Borst Antival 
Ventraal Buik (navelhoogte) Werkpositionering
Lateraal Heupen (links & rechts)

Werkpositionering

 

Belangrijk!  een inbindpunt bedoeld voor antival mag nóóit worden ingezet als punt ter werkpositionering en andersom.

 

 

Valbeveiliging

Meer informatie omtrent de wetgeving vindt u terug in de Arbowet // Veilig werken // Persoonlijke beschermingsmiddelen // Valbeveiliging (klik hier)

Terug naar boven